Beginpagina > Ingrediënten > Vruchten > Paddenstoelen > Wilde paddenstoelen > Llao-llao [Cyttaria darwinii]
Llao-llao [Cyttaria darwinii]
woensdag 21 december 2011, door
Deze zwam, die in ’t Engels "Darwin’s fungus" genoemd wordt omdat hij ze in 1832 in Tierra del Fuego vond, leeft vooral op bomen van het Nothofagus geslacht. De familie kent zo’n 15 leden, waarvan Cyttaria darwinii de bekendste is. Darwin omschrijft de smaak als "vaag zoetachtig" en "schimmelachtig".
Deze zwam wordt in z’n thuisland, Zuid-Amerika, gegeten en verhandeld. Hij komt hier stilaan ook in de schijnwerpers, vooral door de supplementen verkopers, die alles wat uit Zuid-Amerika komt, interessant vinden. Darwin noteerde in z’n reisverslag dat de indianen in Vuurland geen andere planten of fruit aten en toch gezond waren. Een dergelijk citaat is natuurlijk genoeg om interesse te wekken.
In tegenstelling tot de meeste fungi, heeft Cyttaria geen chitine in de celwanden. Om de celwanden te verstevigen, produceert deze zwam β-1–3-glucaan. β-1–3-glucaan versterkt het immuun systeem en verlaagt het cholesterol niveau. β-1–3-glucaan kan echter ook gewonnen worden uit een cultuur van gewone bakkersgist.

De bolvormige vruchtlichamen kunnen tot 30 cm groot worden. Meestal komen ze niet boven de 15 cm. Ook qua uitzicht is er veel variatie, zowel in kleur, vorm als groeiwijze. Meestal zijn ze geel tot oranje. Soms zijn ze gevlekt. Waarschijnlijk zijn er ook andere leden van de Cyttaria familie die verzameld en gegeten worden. C. gunii, C. hookerii, en C. harioti, bv.
Ze worden zowel rauw, in schijfjes gegeten met een vinaigrette, als gebruikt in stoofpotjes met vlees en vis.